startpagina foto's kaart statistieken

foto's

Blue Skies and Dust Trails - Fietsen en Klimmen in de Andes

Omwentelingen - Bolivia (pagina 3 van 5)

Peru:
Dag 1-4
Cord. Blanca

Dag 4
Huaraz

Dag 5-6
Cord. Huayhuash

Dag 7
Abra Yanashalla

Dag 8-11
La Unión-Huánuco

Dag 12
Huánuco-Junín

Dag 14
Abra Anticona

Dag 15
Lima

Dag 17-18
Cuzco

Dag 19-22 (trek)
Inca Trail

Dag 22 (trek)
Machu Picchu

Dag 24-26
Valle Sagrado

Dag 27-28
Altiplano

Dag 29-30
Titicacameer

Bolivia:
Dag 31 (trek)
Isla del Sol

Dag 32-33
La Paz

Dag 34
Yunga's

Dag 37-38 (alpinisme)
Cordillera Real

Dag 39-40
La Paz

Dag 41-43
Altiplano

Dag 43
Nevado Sajama

Chili:
Dag 44
Lauca Nat. Park

Dag 45-46
Arica

Dag 48
Atacamawoestijn

Dag 49
Chilean Altiplano

Dag 55-57
Araucanía

Dag 58-60
Lake District (N)

Dag 61-65
Lake District (S)

Dag 66-70
Chiloë

Dag 31: Copacabana

Boliviaanse Vrouw, Isla del Sol Mijn eerste dag in Bolivia neem ik gelijk een rustdag. Er is veel te zien in Copacabana. Het stadje is prachtig gelegen met kleine bergen in en rondom het meer. Iedereen houdt van Copacabana. Het is niet voor niets dat het bekende strand van Rio de Janeiro naar het Boliviaanse Copacabana is genoemd en niet andersom! Een ander hoogtepunt is de opmerkelijk witte kathedraal. Wat mezelf betreft is ook het goede eten een hoogtepunt. En dan zijn er natuurlijk de schitterende zonsondergangen in het Titicacameer.

Isla del Sol: is dit Bolivia? Het beste aan Copacabana is echter de nabijheid van het Isla del Sol. Ofwel: het zonneëiland. Vroeg in de morgen wacht ik met diverse toeristen op de boot naar het eiland. Onderwijl raak ik aan de praat met Helena, een alleraardigste Française. We trekken gezamenlijk op vandaag. Er is een trektocht van een halve dag van de ene naar de andere kant van het eiland, dwars over de heuvelkam. Onderweg zijn er incaruïnes te bezichtigen.

Het eiland doet haar naam eer aan. Het is een briljante dag en de zon is de hele dag present. Ondanks de hoogte voelt het wel 25 graden celsius. Alles op het eiland lijkt Grieks. De zon, de blauwe hemel, het blauwe water, de mediterrane vegetatie en ruïnes met een archeologisch verantwoord verleden. Mijn reisgenote had geen passender naam kunnen hebben.

Het Titicacameer in een zomerse ambiance... Het ritme van de dag varieert van relaxed tot laiddown. Vandaag wordt de dag eens niet bepaald door tegenwind, maagproblemen of fysieke uitputting maar door luieren, rondwandelen, praten over ditjes en datjes en in het gras liggen. Helena blijkt een intelligente vrouw te zijn. Ze vertelt over haar werk in Cochabamba. Ze helpt de plaatselijke bevolking om culturele activiteiten op te zetten. Een hell of a job, want Bolivianen staan niet bekend om een stiptheidscultuur. Organisatie en discipline zijn vooralsnog niet de peilers waar de Boliviaanse samenleving op geschraagd is.

De zonnige dag komt tot een einde. We nemen afscheid. Helena gaat terug naar Cochabamba. Ik zal morgen richting La Paz vertrekken. Mijn fiets kan niet nog een dag wachten.


Dag 32: Copacabana - La Paz 156 km

... en het Titicacameer in een winterse ambiance De romantische Griekse atmosfeer van gisteren is vervangen door een grimmige Siberische ambiance vandaag. Als ik opsta, ligt het landschap onder een deken van sneeuw. Het sneeuwt nog steeds licht. De weg klimt steil boven Copacabana de heuvels op, de wolken in. Na een paar minuten ben ik volledig omringd door sneeuw en wolken. Het is muisstil, alle geluid wordt gedempt. Ik hoor alleen nog mijn eigen ademhaling. De tijd lijkt stil te staan. Langzaam trek ik voort, voorzichtig om niet uit te glijden op de bij tijd en wijle ijzige weg.

Na lange tijd daal ik af tot onder het wolkendek. Een ijzig, maar schitterend, uitzicht ontvouwt zich over het Titicacameer.

Langzaam verbetert het weer. Het stopt met sneeuwen maar het wolkendek blijft gesloten. Dat is erg jammer want zodoende mis ik het uitzicht over de ruim 6.000 meter hoge bergtoppen van de Cordillera Real, Bolivia's meest spectaculaire bergketen.

De mooiste stad ter wereld vanuit de camera van boven: La Paz Na meer dan 200 kilometer te hebben gefietst langs het Titicacameer, is het nu tijd om het meer te verlaten. Ik blijf nog wel even op de Altiplano. Langs de Cordillera Real, verborgen in de wolken, trek ik voort richting La Paz. La Paz is de hoogste hoofdstad van de wereld met het centrum op 3.700 meter hoogte. Dat is nog hoger dan Lhasa, de hoofdstad van Tibet.

Na een lange dag bereik ik La Paz juist voordat de zon ondergaat. Ik zit echter met een probleem. Afgaande op de drukte, lijk ik het centrum van de stad te hebben bereikt maar de straten corresponderen niet met de straatnamen op mijn kaart. Iedereen vertelt me om maar gewoon rechtdoor te blijven fietsen. Dat doe ik dan maar. Na een paar kilometer zonder verkeersborden en corresponderende straatnamen lijk ik de stad zelfs te verlaten. Als ik de weg volg met een boog om een heuvelrug, krijg ik eindelijk helderheid. Ik sta boven een brede komvallei dat tot de nok toe gevuld is met honderdduizenden huizen. Ik heb al die tijd klaarblijkelijk door een enorme voorstad gefietst en pas nu kijk ik neer op het echte La Paz.


Dag 34: La Paz - La Cumbre - Death Road - Yolosa - Coroico 102 km

Na een dag sightseeing in La Paz is het weer tijd om door te trekken. Vandaag wil ik de Yunga's in fietsen. Achter de bergen van de Cordillera Real stort het Andesgebergte letterlijk omlaag in de laagvlaktes van het Amazonegebied. Binnen een relatief erg korte afstand verliest het terrein vrijwel alle hoogte. De tussenzone tussen het hooggebergte en de jungle van het Amazonebekken wordt de Yunga's genoemd. De Yunga's staan bekend om het groen landschap, de steile bergflanken en de enorme hoeveelheden regen. De belangrijkste weg tussen La Paz en het laagland van Bolivia loopt door de Yunga's en heeft de sinistere naam 'Death Road' gekregen. Elk jaar opnieuw vinden er vele dodelijke verkeersongevallen plaats. De Death Road begint op de pas over de Cordillera Real, La Cumbre, op 4.700 meter hoogte. De afdaling eindigt in Yolosa op 1.200 meter hoogte. De meeste toeristen reizen na Yolosa nog een paar kilometer door naar de 1.700 meter hoog gelegen plaats Coroico, dat fraaie uitzichten over de bergen en valleien moet hebben.

La Cumbre, 4.700 m, het begin van een lange afdaling Het eerste dat me vandaag te doen staat is dus de klim naar La Cumbre op 4.700 meter hoogte. Het is een zonnige dag. Voor het eerst kan ik de toppen van de Cordillera Real zien, geheel wolkenvrij zelfs. Ik mag van geluk spreken, gezien de natte reputatie van de bergen achter de Cordillera Real.

Het is een nerveuze klus om op deze hoogte een steile klim te ondernemen in de absolute chaos van een Zuidamerikaanse stad. Het is onmogelijk om niet stil te vallen in dit verkeer. Mijn fiets is te breed om telkens weer te kunnen manoeuvreren tussen taxi's die om de haverklap stoppen om klanten in en uit te laten. Van tijd tot tijd sta ik in korte files. De stad strekt zich uit tot halverwege de klim naar de pas. Op het moment dat ik de stad achter me laat, bevind ik me onmiddellijk in een stil berglandschap. De laatste kilometers naar de pas zijn daardoor een stuk eenvoudiger. Helaas zijn niet alle ontwikkelingen even gunstig. Als ik de pas van La Cumbre bereik, blijkt de volledige omgeving in de wolken te hangen. Waar komen die ineens vandaan?

De afdaling naar Coroico De afdaling is verrassend eenvoudig. De weg is van uitstekend asfalt en volgt het dal. Het begint licht te regenen maar dat kon ik verwachten in een regio dat bekend staat als erg nat. Geen enkel probleemtot dusverre...

Na een half uur afdaling begint de weg te klimmen. Het landschap is inmiddels helemaal groen. Nergens ontbreekt de vegetatie. De weg is intussen onverhard geworden. Onder deze regen is de weg niet veel meer dan een modderpaadje. Het is hard werken om mezelf voort te ploegen door de modder. Ik vraag me af of ik wel op de goede weg ben. Ik zou naar beneden moeten gaan en niet omhoog. Helaas kan ik me niet oriënteren op de zon. En ook niet op mijn kompas, aangezien de weg alle kanten op draait. En er is ook niemand om de weg aan te vragen. Op goed geluk ga ik door.

Het regent ondertussen pijpestelen en de weg klimt nog altijd hoger en hoger. Meer dan een half uur klim ik door steeds diepere modder. Gek genoeg stopt het ineens met regenen. Op dat moment bereik ik een pas over een bergkam. Het uitzicht levert de antwoorden op al mijn vragen. Een gigantische verticale duizelingwekende groene wereld ligt voor me. Immense groene hellingen vallen in de peilloze diepte. Ik zie de modderweg eindeloos voor me uit naar beneden slingeren langs de bergflanken. Eindelijk begrijp ik naam en faam van de weg. Het uitzicht biedt me ook de zekerheid dat ik op de juiste weg ben.

Binnen een paar minuten keert de regen terug. En deze keer is het menens. De regen komt in genadeloze hoeveelheden naar beneden. Overal is water. Het komt uit de wolken, stroomt van de bomen, watervallen spatten uiteen op de weg. Alles, inclusief ikzelf, is gekleed in een dikke mantel van modder. Mijn tassen, wielen, remmen, alles is vies. De weg is glad. Ik kan niet afdalen met snelheden van meer dab 7 kilometer per uur. De weg voert continu langs diepe ravijnen dus ik mag geen enkele stuur- of remfout maken. Waar en wanneer eindigt deze zondvloed?

Vertigo Niet spoedig in ieder geval. De status quo wordt pas na een paar uur opgeheven. Als de regen eindelijk ophoudt ben ik nat tot op het bot en begrijp ik de letterlijke betekenis van die woorden. Bij een obscure bushalte tref ik een collegafietser aan. Het blijkt Christian te zijn, een jongeman uit Zwitserland. Hij gaat terug naar La Paz. Ik vraag waarom hij niet de laatste kilometers van de afdaling afmaakt. Omdat hij geen reden kan bedenken, vergezelt hij me deze laatste kilometers. Christian is een fantastisch mysterie, Hij fietst zonder bagage, zonder voedsel, slechts een minimum aan drinkwater. Ook spiritueel lijkt Christian zonder bagage te reizen. Zonder doel of reden. Als hij geen zin meer heeft, dan lift hij gewoon terug.

Christian en ik nemen afscheid in Yolosa. We hebben het gehaald. Christian probeert vandaag nog een bus terug naar La Paz te nemen. Ik heb nog een uur daglicht om Coroico te bereiken. Ik moet dan wel opschieten. Ik moet nog 500 meter klimmen terwijl donkere luchten samentrekken achter Coroico. Na een kwartier regent het al zoals ik nog nooit heb meegemaakt. De weg is een diepe rivier met wild stromend water. Ik ben bang dat mijn fietstassen en de inhoud ervan zeer serieus te lijden zullen hebben vandaag. Dan ineens is er een enorme donderslag en is mijn hele gezichtsveld een moment helemaal wit. De bliksem heeft enkele tientallen meters nabij ingeslagen! Ik zal moeten wachten tot het onweer is overgetrokken. Het duurt een eeuwigheid voordat het onweer ver genoeg is verwijderd. Vies en nat fietst een yeti lookalike het Plaza de Armas van Coroico over. Dat ben ik. Ik rijd het eerste het beste hotel binnen, het is eindelijk droog.


Dag 35: Coroico, La Paz

Coroico Als ik opsta, zijn mijn spullen nog steeds doorweekt. Het dak van het hotel is lek als een zeef en mijn bagage is nog geen klein beetje opgedroogd. Ik neem kort de schade op. Het blijkt dat zelfs mijn paspoort, geld en andere waardevolle zaken nog steeds doorweekt zijn. Buiten regent het ook nog steeds. Ik besluit met de bus terug te keren naar La Paz om mijn spullen te drogen, alvorens door te reizen.


Dag 36: La Paz, Tiahuánuco

Terwijl mijn bepakking nog een dag nodig heeft om op te drogen, besluit ik deel te nemen aan een toeristische excursie naar de pre-inca site Tiahuánuco. Onderweg blijkt echter dat er rellen zijn in El Alto, de zusterstad van La Paz op de Altiplano die ik enige dagen geleden bij mijn aankomst abusievelijk voor La Paz aanzag. De straten van El Alto zijn gevuld met protesterende mensen. Sommige mensen hebben stenen in de hand, andere hebben grote houten staven. Het heeft er alle schijn van dat de menigte geen heil ziet om op diplomatieke weg het conflict op te lossen. Die indruk wordt bevestigd als in eerste instantie stenen naar onze bus worden gegooid en in tweede instantie de chauffeur uit de bus wordt gesleurd. Met een grote riem krijgt onze chauffeur enkele ferme zweepslagen. Het is de straf om niet 'solidair' te zijn met de stakende menigte.

We moeten terug. Dat is nochtans niet zo makkelijk te verwezenlijken. We mogen niet vooruit en niet achteruit. De hoofdstraat is gebarricadeerd en ook de meeste zijstraten. We proberen toch een zijstraat in te rijden. We komen in een labyrint van gebarricadeerde straten waar we soms omheen rijden, soms ongevraagd in volle vaart doorheen rijden, soms ook met behulp van uitgekiende diplomatie van de chauffeur voorbij mogen. Van de excursie komt vanzelfsprekend niets meer terecht.

Aangezien alle wegen behalve de Death Road La Paz verlaten door episch centrum van de oproer El Alto, zie ik geen mogelijkheden om veilig La Paz te verlaten de komende dagen. Wat te doen? Ik besluit de ontwikkelingen af te wachten en ondertussen iets leuks te gaan doen. Tijdens de mislukte excursie naar Tiahuánuco heb ik twee Spanjaarden leren kennen, die de 6.088 meter hoge Huayna Potosí willen beklimmen met een gids. Dat lijkt een aardig idee om de tijd mee te vullen. Ik heb een nieuw doel. Ik stap een agentschap binnen, huur een gids, huur stijgijzers, pikkel en bergschoenen en ik kan morgen omhoog…


Dag 37: La Paz - Basiskamp Huayna Potosí

Huayna Potosí Een taxi brengt ons tot de berghut waar de expedities naar de Huayna Potosí beginnen. Het weer is uitstekend als we beginnen te lopen in de richting van het basiskamp. Over grote moreneruggen lopen we omhoog. Het is soms glad vanwege resten sneeuw en ijs tussen de losse stenen. Al met al duurt het niet lang voordat we het kamp bereikt hebben. Er zijn een aantal andere groepen met gidsen die ook een poging zullen ondernemen om morgen de top te bereiken.

Het kamp ligt prachtig, aan de voet van de gletsjer. We hebben prachtige uitzichten over verschillende bergtoppen van de Cordillera Real. Na het opzetten van de tent en het nuttigen van een eenvoudig avondmaal is het sociale uurtje tussen de diverse klimgroepen aangebroken. De Spanjaarden en een Zwitserse man zijn redelijk ervaren. Een jong Nederlands stel lijkt niet erg vertrouwd met het alpiene terrein. Bezorgdheid overheerst in het Nederlandse kamp over wat de dag van morgen zal brengen.


Dag 38: Basiskamp-Huayna Potosí

De gids wekt me om half één in de nacht. Dat is erg vroeg maar desalniettemin een half uur later dan de andere groepen. Ik ben blij om op te mogen staan. Door de hoogte heb ik niet kunnen slapen. Opstaan heeft echter ook zijn nadelen. Het is 25 graden celsius. Onder nul wel te verstaan. Het is bitterkoud en ik kan geen hap door mijn keel krijgen. Ik kauw wat wit uitgeslagen chocola weg, alleen omdat ik weet dat het moet. Het smaakt vreselijk.

Topwand van de Huayna Potosí Ik ben blij om te lopen. Dat is de enige manier om een beetje warm te worden. We gaan aan het touw en langzaam trekken we omhoog over de gletsjer. De andere groepen zijn reeds vertrokken. Mijn gids is slechts 20 jaar oud en heeft een uitstekende fysieke conditie. Hij heeft een mooi, regelmatig tempo, ik volg. Binnen twee uur hebben we alle groepen ingehaald. We hebben het voordeel dat we een kleine groep vormen. De groep van de Spanjaarden en de Zwitser lopen echter ook goed door. De klim van de Huayna Potosí is rechttoe rechtaan totdat we een grote spleet tegenkomen met een lange ladder erover. Voorzichtig overwinnen we de passage. Na de spleet volgt een 20 meter hoge, 60 graden steile ijshelling, de eerste serieuze test voor mijn stijgijzers.

We winnen snel hoogte. Ik zie de nabij gelegen bergtoppen wegzinken in de dieptes beneden ons. Het is nog steeds nacht als we een groot plateau bereiken op 5.800 meter hoogte. Het gebrek aan zuurstof begint zich het leven moeilijk te maken. Het is zwaar werk om voort te ploegen door de diepe sneeuw met zo weinig zuurstof in de lucht. Als een bejaarde man hang ik voorover gebogen over mijn pickel om mijn benen te ontlasten van mijn eigen gewicht. Ik zie dat mijn gids ook zwaar voorover gebogen loopt. Na een uur hebben we het plateau overgestoken en staan we voor de topwand. De laatste tweehonderd meter van de klim zijn veel steiler dan de rest. De helling heeft een minimum van 40 en een maximum van 60 graden.

Ik, op de top van de Huayna Potosí Na het oversteken van het eindeloze sneeuwplateau, betreden we de 200 meter hoge topwand. Ik probeer mijn pickel zo diep mogelijk in het ijs te krijgen. Het wordt niet beter dan een centimeter op zijn best. De ijswand is hier tussen de 50 en 60 graden steil. Normaal zijn de sneeuwcondities beter maar normaal gesproken is het ook geen 25 graden onder nul. Elke stap opnieuw moet ik met volle kracht mijn stijgijzers en pickel in het ijs boren om zo stevig mogelijk te staan. Op 6.000 meter hoogte kost dat meer zuurstof dan beschikbaar is. Ik hijg dan ook als een dolle hond als ik de top bereik. Mijn gids en ik zijn de eerste klimmers die vandaag op de top staan. Na een minuut komt de zon op achter de duizenden meters lager gelegen Yunga's. Een dunne laag wolken begint al meteen aan te zwellen boven het oerwoud en de Yunga's. Naar het westen hebben we uitzicht over de Altiplano. Twee- tot driehonderd kilometer verder ontwaar ik de grensbergen met Chili waaronder de hoogste berg van Chili. Dde Nevado Sajama is bijna 500 meter hoger dan waar ik nu sta. Het zou leuk zijn om daar nog eens langs te fietsen...


Dag 39: La Paz. Tiahuánuco

Tiahuánuco Na de succesvolle beklimming van de Huayna Potosí heb ik behoefte aan een rustdag. Ik besluit de excursie naar Tiahuánuco een tweede kans te geven. De Tiahuánuco beschaving is niet alleen ouder dan de Incabeschaving, de cultuur heeft ook veel langer gedomineerd. Tweeduizend jaar duurde de suprematie van de Tiahuánuco beschaving. De hegemonie van de Inca's werd pas gevestigd honderd jaar voordat de Spanjaarden deze weer doorbraken.

Als ik terugkeer in La Paz hoor ik dat voor morgen grootschalige stakingen zijn gepland in La Paz. Het zal waarschijnlijk onmogelijk worden om veilig de stad te verlaten. In ieder geval zullen er ook geen taxi's en bussen rijden, niet alleen vanwege de stakingen maar ook uit veiligheidsoverwegingen. Ik zal opnieuw een dag in La Paz moeten vertoeven. Ik besluit dat ik rechttoe rechtaan naar de Chileense grens zal fietsen zodra ik de kans krijg. Het zou kunnen dat er een burgeroorlog uitbreekt en zelfs al blijft het bij hevige onlusten, ik ben niet naar Zuid-Amerika gekomen om voor dagen of weken uitgerangeerd te staan in La Paz.


Dag 40: La Paz

Over de snelweg komt een kilometers lange processie de stad binnenstromen. De mensen komen van El Alto, de arme zusterstad van La Paz op de Altiplano. De hoge stad heeft van het begin af aan het centrum gevormd van de onlusten. Deze keer zullen de onlusten niet beperkt blijven tot El Alto. Duizenden mensen verzamelen zich op de Plaza de los Héroes, slechts 150 meter van mijn hotel vandaan. Na terugkeer in mijn hotel zie ik op de televisie dat er geschoten wordt op het nabijgelegen plein. Met enkele toeristen van het hotel gaan we naar een café in de buurt. We lopen langs de mensenmassa's. Op de spanborden zie ik dat niet alleen de dood (!) van de president wordt geëist maar zelfs de dood van de hele democratisch gekozen regering.

De hele dag zijn er onlusten en kleine vuurgevechten. Het leger probeer de orde op de straten zo goed en zo kwaad als het kan te handhaven maar slaagt daarin niet helemaal. Het valt op dat het leger beheerst en terughoudend blijft reageren, ook onder deze hachelijke omstandigheden. Later op de middag wordt de sfeer grimmiger. Op de televisie zie ik hoe een politicus door een grote menigte in elkaar wordt geslagen. Toch wordt in de avond door de president aangekondigd dat er een compromis is bereikt met de oppositiepartijen. De oppositie ontkent dit echter in alle toonaarden. Het doel lijkt bereikt voor de zittende regering. Er is genoeg verwarring gezaaid dat in ieder geval vandaag de olie even van het vuur is. Op de langere termijn ziet de toekomst van de regering er echter hachelijk uit.


Dag 41: La Paz - Patacamaya 110 km

Ik zal in ieder geval niet in La Paz afwachten hoe de dingen hun loop zullen krijgen. Na de dag van gisteren verwacht ik dat de protesten niet om 6 uur in de morgen hervat zullen worden. De meeste mensen zijn gisteren flink lazarus geworden en zullen vandaag wellicht minder energiek voor de dag komen. Omdat ook vandaag geen bussen en taxi's zullen rijden, zal vandaag misschien wel de beste dag in tien jaar zijn om over de drukke snelweg naar El Alto te klimmen.

Ik blijk de zaken juist te hebben ingeschat. De weg naar El Alto is rustig en in El Alto zelf is nog niemand wakker. Ik kan de stad doorkruisen zonder problemen. Na een week van avonturen in La Paz en de Cordillera ben ik weer terug op de koude en windige maar bovenal eindeloos fascinerende Altiplano.


Dag 42: Patacamaya - Curahuara de Carangas 100 km

Heuvelrug op de Altiplano Zelfs in de afgelegen westelijk uithoek van Bolivia voel ik de impact van de politieke onrust. Er is vrijwel geen verkeer. In feite is dat ook bijna niet mogelijk rond La Paz en andere grote steden aangezien de protesterende groepen duizenden vuistgrote stenen op de weg hebben gegooid, waardoor auto's en vrachtauto's de weg niet kunnen berijden. Op mijn fiets lukt het prima om de stenen te omzeilen. Toch levert deze situatie ook voor mij problemen op, aangezien er hierdoor weinig voedsel te verkrijgen is. Er zijn toch al weinig dorpen maar in de nederzettingen die er zijn, is vrijwel niets substantieels te verkrijgen. Ik zal het vandaag met een pak biscuitjes moeten doen. Het landschap is echter zo panoramisch als ik maar had kunnen hopen. Kleine wolken zijn achteloos over het blauwe hemeldek gestrooid. De schaduwen jagen rusteloos voort over de vlakte. Als de middag vordert, groeien de schaduwen snel. Helaas groeien ook de wolken die ze veroorzaken. De wind neemt ook sterk toe. Als ik Curahuara de Carangas bereik, waait het stof door de verlaten straten. Ik lijk in een spookstad te zijn beland. Toch vind ik binnen een paar minuten een hotel. Veel belangrijker is dat ik iets te eten vind, anders heb ik tot morgenmiddag niets te eten. Na urenlang rondzwerven weet ik toch ergens een beetje eten te verkrijgen, genoeg voor een goede nachtrust.


Dag 43: Curahuara de Carangas - Sajama 100 km

De Nevado Sajama, Bolivia's hoogste bergtop Er is geen ontbijt te regelen in Curahuara, althans niet meer dan twee witte broodjes met ranzige oude suiker. Met verder niets op voorraad en honderd kilometer zonder dorpen voor de boeg lijkt het een hongerige dag te gaan worden. In de vroege morgenzon lijken eventuele problemen echter ver weg. Door een smal dal win ik langzaam hoogte. De Altiplano is op zijn hoogst bij de grens met Chili. Op de grens liggen verschillende vulkanen en kleine bergketens die opdoemen boven de vlakte. Na de klim uit de vallei sta ik op de hoogvlakte. De weg gaat stevent recht op de hoogste berg van Bolivia af, de Nevado Sajama. Achter de berg ligt het gelijknamige dorp, mijn doel voor vandaag. Om Sajama te bereiken, moet ik eerst naar een waterscheiding klimmen. De klim is niet steil maar wel lang. De gebruikelijke namiddagstorm tegen maakt de klim tot een langdurig projekt.

Nevado Sajama Na het bereiken van de waterscheiding brengt een lange afdaling me in de weidse depressie tussen grootse bergruggen. Achter me me ligt de bergrug die me van Chili scheidt. Rechts van me ligt de brede vallei tussen de hoogste bergen van Bolivia: de Nevado Sajama rechts van de vallei, de tweelingvulkanen Parinacota en Pomerape links van de vallei. Sajama ligt midden in de vallei op een respectabele hoogte van 4.400 meter. Er is nog wel een obstakel: een 12 kilometer lange piste met los zand.

De kerk van Sajama Ik kan niet harder fietsen dan 6 tot 8 kilometer per uur. Soms komt mijn fiets tot stilstand in het mulle zand. Dit is onbeschrijflijk hard werk. Dat zou het al zijn als ik nog niet honderd kilometer achter de rug had op een lege maag. In deze schitterende setting is het resultaat de inspanning meer dan waard.Tussen de Nevado Sajama en de tweelingvulkanen is Sajama waarschijnlijk één van de mooist gelegen plaatsen op de wereld. Het dorp bezit ook nog eens een buitengewoon mooie, oude kerk. De atmosfeer van deze plaats is grandioos met de bergen, de vlaktes, de kerk, de lachende mensen van het dorp. In het restaurant van het dorp verzamelen de paar toeristen voor de gezamenlijke maaltijd. We zitten met zijn allen aan een tafel. Tussen de toeristen bevinden zich de tweelingbroers Frank en Gary, twee fijne kerels van 56 jaar. We hebben een gweldige tijd op een geweldige plek.


Dag 44: Sajama-Putre (Chile) 105 km

De stofweg terug naar de doorgaande weg naar Chili is een vermoeiende start van de dag. Het landschap is zo mooi dat ik het niet voel. Terug op de doorgaande weg begint de klim naar de grenspas. In een uurtje ben ik op de pas. Ik heb het gehaald. Ik heb Bolivia weten te ontvluchten! Ik vraag me af hoe het nu in La Paz is. Ik voel me blij en opgelucht. Vanaf hier is het nog 200 kilometer naar beneden naar de zeehaven van Arica aan de Stille Oceaan. De Altiplano en de vulkanen Pomerape en Parinacota (beide 6.300 m)


Lees over de belevenissen in de woestijnen en hoogvlaktes van Noord Chili op de volgende pagina.